De babyboomers krijgen grijze haren. Ze worden oud, maar met een heel eigen mentaliteit. Zelfbewust en goed in staat om voor zichzelf te zorgen. Niet verwonderlijk. Dit zijn de bezetters van het Maagdenhuis, de pleiners en dijkers, de jongelui die het Kurhaus in Scheveningen afbraken toen de Rolling Stones nog maar amper begonnen waren. De Flower power-generatie, peace man. Maar ook de generatie die opgroeide met de bom die in een klap een eind aan alles kan maken. Weg met de geraniums, het leven begint pas op je vijftigste!

Een oudere nu maakt bijna even makkelijk schulden als zijn kinderen. Ze hoeven de hypotheek ook niet meer zo nodig af te lossen. Zelfs wordt die vaak weer verhoogd om een boot of een nieuwe keuken te kunnen kopen. Ouderen gaan uit eten, naar het theater, op reis en vaak, zitten niet achter de geraniums met als enig vertier een puzzelboekje, maar blijven actief deelnemen in de samenleving. Wat wil je ook. Dit is de babyboomgeneratie. Geboren na de Tweede Wereldoorlog zijn ze opgegroeid in een samenleving die veranderde van een vooroorlogse monocultuur naar een samenleving van individualisme, vrijheid en welvaart. En ze zijn met velen. Nederland wordt grijs. Voor het eerst telt Nederland meer mensen boven de 55 dan kinderen jonger dan 19. Als er niet een instroom zou zijn van buitenlanders met kinderrijke families, zou het bevolkingaantal in Nederland over twintig jaar snel teruglopen. Ouderen, senioren staan op de agenda. Politici en bestuurders zien de bui al hangen en vragen zich nu af waar het geld vandaan moet komen om de grijze golf, die in 2020 het hoogtepunt bereikt, te bekostigen. Vooral ook omdat mensen steeds ouder worden en langer van zorg en pensioen gebruik zullen maken. Langer werken dus. Dat lijkt de oplossing. En niet alleen meer onder het mom van schaarste op de arbeidsmarkt. De generatie die in de komende jaren met pensioen gaat, moet blijven werken om het pensioen niet te lang te laten duren. Het Paarse kabinet baarde deze zomer zelfs een vrijblijvend testament waarin het een paar piketpaaltjes slaat. De arbeidsproductiviteit moet omhoog, er moeten meer hoger opgeleiden komen en mensen moeten langer blijven werken. Maar vormen ouderen echt een probleem en is ze zo lang mogelijk aan het werk te houden de oplossing van dit probleem? Het Sociaal en Cultureel Planbureau volgt 3,7 miljoen 55-plussers in Nederland en bekijkt hoe zij zich in de samenleving bewegen en dan ziet de nieuwe grijze generatie er veel jonger en vitaler uit dan vroegere generaties ouderen. Vleiend wordt er ook niet gesproken over grijs maar over zilvergrijs. Het leven van de 55- tot 74-jarigen is nauwelijks te onderscheiden van dat van jongere Nederlanders, concludeert Het Sociaal en Cultureel Planbureau in zijn Rapportage Ouderen. Ze doen dezelfde dingen, zijn vaak gezond (echte gebreken laten zich pas na 75 jaar zien), geven evenveel geld uit. De omvangrijke babyboomgeneratie bereikt in de komende tien jaar de seniorenleeftijd. De levensverwachting gaat elk jaar omhoog. Ouderen leven niet alleen langer, maar zijn ook gezonder en vitaal. Mannen van 65 verwachten nog 15 jaar te leven, vrouwen 19 jaar. Ouderen van morgen hebben ook een ander consumptiepatroon dan vroeger. Ze hebben een ruimer budget dan vroegere generaties en consumptie zal op tal van terreinen toenemen. Ze zijn opgegroeid in materiële welvaart en gewend aan een actieve en afwisselende besteding van vrije tijd. Uit seniorenbladen en seniorenbeurzen spreekt een grote hang naar een vitale levensstijl. Het gedrag vergrijst nauwelijks, ze gaan op vakantie, maken uitstapjes, gaan uit eten. Toekomstige ouderen zullen waarschijnlijk juist minder met fysieke beperkingen te kampen hebben dan ouderen van nu. Dat komt omdat ouderen meestal minder belastend werk doen, er een gezondere levensstijl op na houden. Door hun betere conditie zullen ze minder gauw bij zorginstellingen aankloppen. Doen ze dat wel, dan op een latere leeftijd. Zij hechten aan zelfstandigheid en wonen liever thuis dan in een tehuis. Je bent oud en je wilt wat, concluderen de onderzoekers. Het is het verheerlijken van het jong zijn. Wie in jaren de jongste niet meer is, probeert zich in elk geval jong te voelen. Vrouwen baren na hun veertigste nog kinderen, mannen beginnen op die leeftijd, of later, een tweede gezin. De oudedag staat voor het einde. Die wordt ver weggehouden.

Mirjam de Klerk is onderzoekscoördinator Ouderen van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Ze ziet dat het goed gaat met ouderen. “Ouderen zijn steeds beter opgeleid, doen plezieriger werk en dat is belangrijk voor je welbevinden. Ouderen waren halverwege de twintigste eeuw vaak laag opgeleid. Moesten werken. In de landbouw of in de fabriek. Daar had je een veel grotere kans lichamelijk af te takelen. Dan ben je een gegeven moment wel op. Vandaar de aow. Iedereen die met pensioen ging mocht een paar jaar van de aow genieten. Maar niet te lang. Nu heeft een mens al gauw twintig jaar aow en die termijn wordt alleen maar langer.” De gezondheid van ouderen is beter. Ze leven langer, zonder beperkingen. “Den krijg je een ander perspectief”, zegt ze. “Als je 50 bent kunt je denken aan ophouden met werken, maar dan zit je misschien pas op de helft van je leven.” Ouderen worden ook steeds mondiger. “Twintig jaar geleden hoorde je ze nooit klagen, waren ze blij met wat ze hadden. Nu halen ze hun recht. Hebben ze geen zin in een georganiseerde seniorenreis? Dan met je eigen auto op vakantie. Ouderen spreken hun talen beter en gaan makkelijker naar het buitenland. Ook het angstvallig sparen voor de kinderen van vroeger hoeft niet meer. Wie dan leeft dan zorgt, is het motto. Ouderen besteden meer aan zichzelf. Vinden zichzelf waard om geld aan uit te geven. Geven geld ook veel gemakkelijker uit. Ouderen zijn daarin hetzelfde als jongere generaties. Ze hebben ook meer te besteden. Omdat de kinderen het huis uit zijn, houden ze geld over. Ze hebben vaker een eigen woning, lossen de hypotheek niet meer af, durven schulden te nemen. Maar het is niet alleen maar hallelujah”, zegt Mirjam. “Verschillen zie je tussen mensen die al 65 zijn en dat nog moeten worden. Nu zijn er nog grote groepen met onvolledige pensioenen. Vooral allochtonen, vrouwen en alleenstaanden. Ouderen nu lopen maar heel langzaam hun achterstand in. De komende generaties krijgen het makkelijker.”

Ouderen zijn ontdekt als de werknemer van de toekomst. Slechts een op de zeven 60-plussers neemt deel aan het arbeidsproces. Nadat de overheid, in een tijd van werkloosheid, eerder ophouden met werken stimuleerde om plaats te maken voor jongeren, is nu een tegenbeweging ontstaan. Maar is iemand bereid om na zijn 65e door te werken na jarenlang lijfrentepolissen gekocht te hebben om er juist eerder met werken te kunnen stoppen? Mirjam de Klerk ziet dat ouderen langer kunnen blijven werken, maar weet niet of ze dit doen uit noodzaak of dat ze dit ook willen. Er is alle reden om de oudere werknemer weer te gaan koesteren. Cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistieke vertellen dat van de 55-plussers er momenteel nog geen derde aan het werk is. Een deel is huisvrouw. De rest is met VUT, renteniert of heeft het inkomen tot aan het pensioen op een andere manier veiliggesteld. Ondertussen werken er ieder jaar al wel meer 65-plussers zegt het Centraal Bureau voor de Statistiek. Het overgrote deel parttime. “Werkgevers doen er verstandig aan flexibeler om te gaan met langer of korter werken”, zegt Mirjam. “Je moet eerder kunnen stoppen, maar ook later. Of dat je een paar dagen per week blijft werken. Dat kan bijvoorbeeld nu niet omdat langer werken fiscaal nog nadelig uitpakt.”

Om ouderen langer aan het werk te houden, komt de overheid belastingvoordeeltjes.  Een ander wapen is opleiden. Uit onderzoek blijkt dat 45-plussers na bijscholing productiever zijn dan jongere collega’s, terwijl in Nederland maar een op de vijf 45-plussers een opleiding via het werk volgt. Ouderen doen weinig mee aan bedrijfsopleidingen weet Mirjam de Klerk, maar voelen zij zichzelf te oud of vindt de werkgever ouderen opleiden weggegooid geld? “Laagopgeleide mensen hebben vaak weinig zin om na zoveel jaren weer in de schoolbanken plaats te nemen. En er zijn ook ouderen die niet mee willen in de trend. Gewoon willen stoppen en het liefst achter de geraniums zitten. Moet je die dan overal bij betrekken? Als je het niet doet ontstaat de kloof tussen mensen die wel en niet mee kunnen komen. Als de loketten sluiten is het dan erg dat je alleen met een pas en pincode een treinkaartje kunt kopen? Voor de eerste groep niet, voor de tweede wel. Maar ook het gebruik van zorgvoorzieningen. Dat wordt alleen maar duurder. Kan iedereen dat straks dan nog betalen of alleen een vermogende groep? Het is mooi, een zorgflat met onderhoudsabonnement, maar het hoge inkomen dat je daarvoor nodig hebt heeft niet iedereen. Het is een mythe dat ouderen steeds rijker worden. Als je kijkt naar inkomensontwikkeling nemen inkomens van ouderen niet echt toe. Kijk je naar vermogen dan is de lage rentestand van de afgelopen jaren ongunstig geweest. En beleggen, waarmee in de jaren negentig goed verdiend is, lijken ouderen niet in grote getale te doen. Kwetsbaar zijn toch ouderen met een laag opleidingsniveau onder wie veel allochtone ouderen, veel hoogbejaarden en oudere vrouwen. Die moeten vaak rondkomen van een laag inkomen. En daar is nauwelijks iets aan te veranderen.”

Wat is oud? In 1871 tot 1875 was er voor vrouwen bij de geboorte een levensverwachting van 46,13 jaar. Voor je vijftigste was je echt oud. In de jaren voor de Tweede Wereldoorlog was dit opgelopen tot 76,92 jaar en daarna met heel kleine beetjes tot 81,06 in 2010. De levensverwachting van mannen is dichter bij die van vrouwen komen te liggen. Steeds meer zullen man en vrouw samen oud worden.