Een fascinatie voor de publieke zaak. Dat is de drijfveer van landschapsarchitect en hoogleraar environmental design Dirk Sijmons. Op persoonlijke titel startte hij het Aquade-project: een feestelijk waterbouwkundig en planologisch antwoord op de gevolgen van klimaatverandering. Sijmons: “We zijn de jongens van De Witt. We konden het en we kunnen het nog steeds.”

Patrick Geddes is zijn held. De Schotse geograaf die in 1892 vanuit de Outlook Tower, een toren van de universiteit, natuurwetten in het landschap rond Edinburgh bestudeerde. Hij schreef er ook The Evolution of Sex en kwam ergens op het snijvlak van seks en landschap tot het besef dat stedenbouwkundige planning en landschapsontwikkeling niet los van elkaar gezien konden worden. Conurbation noemde hij die verbondenheid tussen stad en regio. Voor Geddes was er helemaal geen aandacht voor wat er zich buiten die stad bevond en dat dat een relatie zou kunnen hebben met die stad. “De stad interesseert mij ook als een landschappelijk fenomeen. Je kunt het omdraaien. De verstedelijking is zo langzamerhand een landschap- architectonisch probleem geworden. Ook de Nederlandse stad is onvoorstelbaar gegroeid, een 250-voud van de oppervlakte in 1850. Je moet daar niet alleen naar kijken met de ogen van de klassieke stedenbouw.” Amsterdammer Dirk Sijmons is landschapsarchitect, hoogleraar environmental design aan de TU in Delft en aanjager van Aquade, een tienjarige manifestatie en festival voor openluchtcultuur dat de maakbaarheid van het landschap viert. “We willen de mooiste, de meest interessante of excellente waterbouwkundige projecten die te maken hebben met klimaatverandering liefdevol volgen en knetterende feesten geven bij de oplevering”, zegt Sijmons.
Zijn hypothese is dat de ruimtelijke ordening in de delta Holland op dit moment weer hogere doelen voor het grijpen heeft, zoals in het verleden de ruimtelijke ontwikkeling in dienst stond van volkshuisvesting en de moderniserende landbouw nooit voor de voeten werd gelopen. Die hogere doelen zijn nu het land klimaatbestendig maken, het toeristisch product Holland een opknapbeurt geven en in de strijd met andere Europese stedenregio’s voor hoofdkantoren en researchcentra, ‘het stofgoud voor werkgelegenheid’, het vestigingsklimaat verbeteren. “En het mooie is dat die drie binnen Aquade aan elkaar te koppelen zijn”, zegt Sijmons.

Aquade is begonnen als een Belvedere-poging – cultuur uiten in planologie – om de Romeinse rijksgrens, de Limes, in de planologie weer zichtbaar te maken. Hij deed dat met bureau de Lijn en stedenbouwkundig bureau MUST. “Maar die Romeinen, dat was heel ver weg en het mooiste dat je erover kon maken was in 2005 al door MUST gemaakt: de Limes Atlas. We wilden betekenis geven aan de planologie met wat er nu aan de hand is. Nu is dat klimaatverandering. Het Limes-project is toen omgezet naar het Aquade-festival. In het begin ging dat over op een leuke manier werken aan projecten die met klimaatverandering te maken hebben. Eerst ook duurzame energie en CO2-opslag, maar het laatste jaar hebben we voluit ingezet op de waterprojecten. We hebben dat gedaan door voorgenomen investeringen in waterbouwkundige projecten een kwart slag te draaien, met de toverstaf van het festival aan te raken en een multiplier voor investeringen te creëren. Aquade is geïnspireerd op de Internationale Bau Ausstellung. Een Duitse traditie die in 1927 begon met de de Weissenhofsiedlung in Frankfurt als voorbeeld voor het nieuwe bouwen. Het idee achter IBA is dat je ideeën hebt best kan overbrengen door ze ook echt te bouwen, zodat je ze kunt zien en aanraken. “De IBA die ons geïnspireerd heeft is de IBA Emscher Park in het Ruhrgebied omdat het hier ook ging om imagoverbetering. Het Ruhrgebied werd door iedereen van buitenaf gezien als de smeerpijp van Duitsland vol met werkloze mensen en dat beeld hebben ze toch maar helemaal weten om te draaien. Ze zijn niet voor niets nu Culturele Hoofdstad van Europa. Wij zijn een lichte versie van de IBA.”

Vanaf 2012 wordt er ieder jaar een opgeleverd project in het zonnetje gezet.. Hij noemt de zandmotor voor de Zuid-Hollandse kust in 2012, een nieuwe rivierdijk bij Lent bij Nijmegen in 2015 en een kustzone bij de Afsluitdijk in 2019. “Deze projecten gaan wij cultureel ontzettend vertroetelen. Aquade is waterplanning en ruimtelijke ordening in feesttenue. Het is een nieuwe manier om ruimtelijke ordening te bedrijven. We vieren niet alleen feest, we koppelen ook kunst aan projecten en we hebben Michelinroutes uitgestippeld langs oude en nieuwe waterbouwwerken waarmee we buitenlandse gasten het hele waterbouwverhaal vertellen.” Met Schiphol is hij in gesprek om de 43,7 miljoen reizigers per jaar die op -6 NAP zijn geland het Nederlandse waterverhaal te vertellen. “Het doel is laten zien dat klimaatverandering geen doem is maar doen. Optimisme! Dat azijnpisserige moet er af. We zijn de Jongens van De Witt, we hadden het in de hand en we zullen het ook in de hand houden. Want dat is belangrijk voor investeringen in delta’s. Het is eigenlijk gewoon pure economie. Straal uit dat je, van al die veertig delta’s in de wereld, waar in het jaar 2100 zo’n beetje een derde van de wereldbevolking leeft, de risico’s het best in de hand hebt, laat zien dat investeringen veilig zijn bij ons.”

Aquade zit heel dicht op het deltaprogramma van de deltacommissaris. “Het gaat ook om kustverdediging en rivierprojecten. Het is een serieuze business. Die culturele component linken we aan de waterprojecten, zodat het geen technisch verhaal blijft. We willen belangstelling opwekken en mooiere projecten maken en met die mooiere projecten reclame in het buitenland maken. We roepen altijd dat we de beste waterbouwers ter wereld zijn, maar het laatste bijzondere dat we gemaakt hebben is de Maeslantkering. Twintig jaar hebben we niets nieuws laten zien. Naam en faam blijven nog heel lang nagloeien en onze waterbouwers doen in het buitenland veel, maar het is natuurlijk ook belangrijk om hier in Nederland weer eens wat te laten zien.” Hij illustreert de werking van de zandmotor bij de Maasvlakte op zijn laptop. Een bouwen-met-de-natuur-ding noemt hij het. “Als je een overmaat aan zand voor de kust in zee legt, dan denk je dat spoelt weg, maar een groot deel, ongeveer 85%, zal zich aan de kust hechten. Dat gaat drie stappen voorwaarts, twee stappen terug en heel langzaam. Je kunt met een paar schepen zwakke plekken in de kustlinie in drie weken vullen, maar de bonus die je krijgt als je de zandmotor gebruikt, die daar 20 jaar over doet, zijn natuurgebieden met een hoge ecologische waarde, zoals de Kwade Hoek op Goeree”, zegt Sijmons die met zijn bureau H+N+S Landschapsarchitecten ook bezig is met landscaping van de Maasvlakte. Nog een bonus van de zandmotor is het landschap – de enorme berg zand – die zorgt voor een mooie entree voor mammoettankers die de Rotterdamse havens binnenvaren. Er zit ook een foto tussen van een waterscooter van collega-hoogleraar Marcel Stive die studenten gebruiken voor onderzoek naar de morfologie van de onderwaterbodem.. Ze kijken hoe ze deze ondergrond zo kunnen modelleren dat verderop in Scheveningen de ideale surfgolf kan ontstaan.

“Natuurtechniek is civiel techniek voor gevorderden geworden. Dat vinden ze in het buitenland interessant. Dat wij dingen aan elkaar koppelen en verder ontwerpen. Onze waterbouwkennis is nog steeds goed, alhoewel projecten in China misschien wel spectaculairder zijn, maar we zijn heel creatief geworden om dingen aan elkaar te koppelen.” Natuur, daar is in Nederland toch niks natuurlijks meer aan? “Daarom ontwikkelen we het ook. Je kunt de natuur niet naar believen uit of aan zetten. Natuur is er altijd. De meeste natuur in Nederland is domweg het antwoord van de natuur op wat wij mensen doen. De Maasvlakte en de Voordelta zijn een van de allerbelangrijkste natuurgebieden in Noordwest Europa aan het worden, vanwege diversiteit van plantjes en dieren. We zijn in Nederland geneigd om ons kleiner voor te doen dan we zijn, maar Nederland heeft onvoorstelbare potentie. Toen ik in de jaren zeventig bij de ambtelijke natuurbescherming zat, werden we gebeld door biologen van de Rijksdienst voor de IJsselmeerpolder. Je moet eens komen kijken wat hier gebeurt. Er was het industriegebied Lage Vaart 2 dat om zuinigheidsredenen nog niet was leeggepompt. Het gebied, dat we nu kennen als de Oostvaardersplassen, was een kommoeras geworden met alle dieren en planten die daar bij horen. Ze lieten zien dat de grauwe gans daar terug was. Laatste broedgeval 1865. En er zaten er honderden. Een paar jaar later waren het er duizenden. De zeearend, de vliegende deur, is er ook weer terug. Je ziet dat de natuur als een soort kraakbeweging razendsnel toeslaat. Wat is natuur nog in Nederland? Ja, hallo, als je dit nog kunt doen! Als wij de voorwaarden bieden dan krijgen we dit antwoord. Dat was een trendbreuk in het denken over de natuur in de jaren zeventig. Onze verarmende natuur zat toen vastgeklonken aan het snel veranderende agrarische cultuurlandschap. Zuchtend en steunend maakten we rapporten over welke soorten planten en dieren nu weer uit ons land verdwenen waren. Dat zat vast aan de ontwikkeling van de landbouw. Bij de gratie van een paar weidebloemen die boeren lieten staan. In de dynamische kustzones hoef je het ook maar even anders te doen en is het meteen raak.”

Groene vingers? “Ik heb wel belangstelling voor de groene wereld. Maar ik durf niet te zeggen dat bij alles wat ik aanraak het chlorofyl begint te glimmen van plezier. Toen ik bouwkunde studeerde, in 1969, kwam de eerste milieugolf opzetten. Ik las toen Silent Spring van Rachel Carson over de gevolgen van bestrijdingsmiddelen voor de gezondheid en het milieu. In dat boek fluiten de vogels op een dag niet meer en dan blijkt dat ze door pesticiden zijn uitgeroeid. Ik raakte zo gefascineerd door die hele milieugolf en de hernieuwde aandacht voor de natuur en de omgeving dat ik, met een paar medestudenten, een eigen studieprogramma heb gemaakt. Dat kon toen nog, het was de tijd van de democratisering. Op vijf verschillende universiteiten heb ik vakken uitgekozen. Later is die fascinatie voor het milieu een fascinatie voor het landschap geworden. Nee, niet neutraal, maar vanuit een geëngageerdheid om via ruimtelijke oplossingen bij te dragen aan maatschappelijke problemen. Ik was ook heel lang ambtenaar. Na mijn studie begon ik als planoloog op het ministerie. Opgeleid in Delft werd ik daar in de gangen vaak nageroepen: hé ingenieur, maak m’n fiets effe! Ik was later bij Staatsbosbeheer hoofd van de afdeling Landschapsarchitectuur en weer later rijksadviseur voor het Landschap. Ik heb altijd een soort fascinatie voor de publieke zaak gehad en gehouden. Het is een drijfveer. Vroeger speelden ontwerpers bij de overheid daar een heel belangrijke rol in. Dat is intussen afgebouwd. De overheid bepaalde vroeger hoe alles eruit zag, nu zijn het opdrachtgevers.”

Het is geen jongensdroomverhaal maar een verhaal dat in de steigers staat. Het bidboek ligt klaar om aangeboden te worden aan de minister. 64 Pagina’s getiteld ‘De Oproep’. Een oproep aan ‘alle beroepsmatig betrokken’, bij de rijksoverheid en het bedrijfsleven, maar ook de burger en ook kinderen, zeg maar gewoon een oproep aan heel Nederland om bij te dragen aan excellente klimaatprojecten zoals ze genoemd staan op www.aquade.net. “We zijn de eerste trap van deze raket. Het bidboek is er en de professionalisering van zowel het bestuur als het bureau hebben we tot nu toe zelf gedaan, op persoonlijke titel. Robert Broesi, Wilma Kempinga, Guido Wallagh en JelkeJan de With zijn net als ikzelf vrijwilligers. Het bureau moet er nu daadwerkelijk komen want er is werk aan de winkel. De rol van de overheid is vrij belangrijk, maar het gaat er uiteindelijk om dat we via de projecten zelf het spel op de wagen krijgen. Waarvoor we wel direct naar de overheid kijken en ook naar het bedrijfsleven is de financiering van de bureauorganisatie van Aquade. De mensen die het moeten gaan doen.”

Is het economisch tij geen spelbreker? “Helemaal niet! Wij blijven optimistisch want wij denken dat dit een geweldig goed idee is. Zelfs als allerlei initiatieven de sloepen moeten strijken, denken wij dat we voor Aquade de handen op elkaar krijgen.” En als het klimaat niet echt verandert? “We leven in een reusachtige prothese die ons in staat stelt om onder de zeespiegel te werken en te wonen. Die prothese heeft periodiek onderhoud nodig. Je zou Aquade ook aan periodieke onderhoudsprojecten kunnen koppelen. Het is de vraag of je alles aan het klimaat op moet hangen. Maar waterbouw is op scherp gezet door de klimaatverandering. Het is een karwei waar we als Nederland de komende honderden jaren nog mee bezig zullen zijn. Nu die klimaatverandering is ingezet, horen we over 10 jaar niet uit enorme luidsprekers: ‘Nederlanders, dit was een oefening, ik laat de temperatuur nu weer zakken!’ Je kan er sceptisch tegenover staan, maar ik denk dat de consensus in wetenschapsland er is dat klimaatverandering is ingezet. En wij zitten in Nederland nu eenmaal in de situatie dat het heel erg link is om te gokken dat het wel mee zal vallen.”